Geslacht Van Voorst tot Voorst

 
  19 - 16. EDUARD HENDRIK JOAN baron VAN VOORST TOT VOORST

Zoon van Mr. Arthur Eduward Joseph baron van Voorst tot Voorst en Clara Maria Theresia Joanna Helena Thijssen.
Geboren te Huissen 7 mei 1892; overleden te Tilburg 28 januari 1972 en aldaar begraven 1 februari daaraanvolgend.

Hij was Commissaris van de Amsterdamsche Bank (1939 - ?), burgemeester van Ubbergen (1920-1935) en van Tilburg (1946-1957); lid Gedeputeerde Staten van Gelderland; curator van de R.K. Universiteit te Nijmegen en van de R.K. Economische Hogeschool te Tilburg; Ere-baljuw Grootkruis van de Souvereine en Militaire Orde van Malta, baljuwpresident van de Afdeling Nederland dezer orde (1953-1964); Maltezer Ridder (1928); Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw; Grootkruis van Verdienste van de Souvereine en Militaire Orde van Malta (1964); Commandeur in de Orde van de Heilige Gregorius de Grote (1962); Watersnoodmedaille 1926.

Voorts was hij voorzitter van de Centrale Commissie voor Drinkwatervoorziening in Nederland (1947-1966), lid van de Voorlopige Natuurbeschermingsraad (1957-1968) en curator van het Instituut voor het Nabije Oosten. Hij verbond zich als vrijwillig huzaar voor onbepaalde tijd, maar minstens zolang de militie buiten­gewoon onder de wapenen zou worden gehouden, op 2 augustus 1914; korporaal en wachtmeester (1915) en tijdelijk reserve 2e luitenant bij 1e Regiment Huzaren (1916). Hij ging 16 februari 1920 met eervol ontslag.
Op 10 mei 1940 meldde hij zich op het hoofdkwartier te ‘s-Gravenhage voor dienstneming. Tot de capitulatie vertoefde hij aldaar in de Alexanderkazerne temidden van de gevechtshandelingen. Bij de bevrijding van Zuid-Nederland in september 1944 meldde hij zich voor de derde maal. Na het bezette gebied te hebben verlaten trok hij de Kon. Ned. Brigade Prinses Irene tegemoet, welke hij in Balgoy aantrof. De commandant zond hem evenwel door naar de Senior Officer Civil Affairs en naar de Commissaris van het Militair Gezag voor de Provincie Gelderland. Hij werd onmiddellijk aangewezen als waarnemend Commissaris der Koningin in deze provincie (1944 – 1945).

Hij werd benoemd tot burgemeester van Tilburg bij K.B. van 27 april 1946 met ingang van 1 mei 1946 als opvolger van mr. J. van de Mortel. Onder zijn bestuur kwam een groot deel van de naoorlogse opbouw en vernieuwing van de stad tot stand. Zo werd het bebouwde oppervlak van Tilburg verdubbeld en kwamen er 6400 nieuwbouwwoningen bij. Twee moderne bejaardentehuizen werden gesticht: Vredeburcht en St. Jozefzorg. Het ringbanenstelsel werd in 1956 voltooid en in dat jaar begon men met de aanleg van de wijk 't Zand. De overwegplannen lagen klaar en hij beleefde nog de omlegging van het zogenaamde Bels Lijntje. Ook de plannen voor de nieuwe schouwburg zijn onder zijn bestuur gevormd. Mr. Baron E. van Voorst tot Voorst is met ingang van 1 juni 1957 ontslagen als burgemeester van Tilburg en werd opgevolgd door mr. C.J.G. Becht. Naar hem is de Burgemeester Baron van Voorst tot Voorstweg (B&W 1979) genoemd, de langste Tilburgse straatnaam.

Hij huwde 1e te ‘s-Hertogenbosch 6 april 1921 met Jkvr. Theresia Maria Josephina Smits, zuster van de vrouw van zijn neef Godfried Roderic, geboren te Eindhoven 6 november 1894, dochter van Jhr. Mr. Theodorus Gijsbertus Maria Smits, heer van Oyen en Eckart, en Josephine Wilhelmine Theresia Hubertine Regout; zij overleed te Nijmegen 10 februari 1932 en werd 13 februari daaraanvolgend begraven te Beek bij Nijmegen.
Uit dit eerste huwelijk werden geboren:

1. Wendela Theresia Maria.
Geboren te Beek bij Nijmegen 28 maart 1922, overleden te ’s-Gravenhage 10 juli 1983 en begraven te Loosduinen 14 juli daaraanvolgend.
Zij huwde te Tilburg 4 september 1950 met Dr. Pieter Cornelius Josephus van Loon, geboren te Waalwijk 1 maart 1918, zoon van Norbert Gerardus Cornelius van Loon en Catharina Cornelia Anna de Jong; Directeur van de afdeling Gezondheidszorg van het Ministerie van Sociale Zaken en Volksgezondheid. Hij overleed te ’s-Gravenhage 28 augustus 1990.

2. Maria Clara Joanna.
Geboren te Beek 13 mei 1923. Overleden 23 december 2008 te Loon op Zand, begraven te Helvoirt.
Zij huwde te Tilburg 20 juli 1949 met Mr. Frans Joseph Johan Lodewijk van Lanschot, geboren te ‘s-Hertogenbosch 18 augustus 1909, zoon van Mr. Frans Johan van Lanschot en Jkvr. Maria Johanna Henrica van Meeuwen; burgemeester van Geldrop.

3. Cunera Maria.
Geboren te Beek 25 februari 1926; psych. assistente aan de Rijksuniversiteit te Leiden. (Oegstgeest).

4. Theresia (Tessy) Maria Ludovica.
Geboren te Nijmegen 4 februari 1932; paed. cand.
Zij huwde te Tilburg 19 april 1958 met Mr. Dr. Petrus Henricus Johannes Maria Houben, geboren te Rijswijk 11 september 1931; phil. cand., jur. doctor, zoon van Mr. Dr. François Joseph Marie Anne Hubert Houben en Pauline Philippine Marie van der Ven. Hij was administrateur op het Ministerie van Buitenlandse Zaken en gedetacheerd als eerste ambassadesecretaris bij de Nederlandse Permanente Vertegenwoordiging bij de Verenigde Naties te New York. (Schoten, België).

Hierna hertrouwde hij te Tilburg 21 juni 1937 met Rosa Lucie Johanna Maria de Quaij, geboren te ‘s-Hertogenbosch 6 mei 1906, dochter van Rudolph Balthazar Antonie Nicolas de Quaij en Joanna Elisa Rosa van de Mortel.
Uit het tweede huwelijk werd geboren:

5. Mr. Berend Jan Marie baron van Voorst tot Voorst.